Oude juridische bibliotheek met boekenkasten vol banden en marmeren bustes
Incasso & Wetgeving

Wanneer kunt u het faillissement van uw debiteur aanvragen?

9 min leestijd

Uw debiteur reageert nergens meer op. Sommaties, telefoontjes, een incassotraject: het levert niets op, terwijl zijn bedrijf gewoon doordraait. Voor die situatie kent het Nederlandse recht het zwaarste incassomiddel dat er is: het faillissement van uw debiteur aanvragen. Wie dat middel goed inzet, krijgt vaak alsnog betaald zonder dat het ooit tot een faillissement komt. Hieronder leest u aan welke voorwaarden u moet voldoen, wat de procedure kost en wanneer een aanvraag wel en niet werkt.

Een drukmiddel, geen incassomiddel

De wet formuleert het kaal: een schuldenaar die verkeert in de toestand dat hij heeft opgehouden te betalen, wordt op verzoek van een of meer schuldeisers bij rechterlijk vonnis in staat van faillissement verklaard (artikel 1 Faillissementswet). Toch vraagt bijna geen enkele schuldeiser een faillissement aan omdat hij de debiteur daadwerkelijk failliet wil zien. Het doel is betaling.

Dat zit zo. Bij een faillissement verliest de ondernemer de controle over zijn bedrijf. Een curator neemt het beheer over, rekeningen worden bevroren, contracten kunnen worden opgezegd en personeel wordt ontslagen. Een debiteur die de oproeping voor de faillissementszitting op zijn deurmat vindt, weet dat zijn onderneming op het spel staat. In de praktijk betaalt het merendeel van de debiteuren daarom alsnog vóór de zitting. Wordt er betaald, dan trekken wij de aanvraag in en is het faillissement van de baan.

De keerzijde hoort u ook van ons: dit werkt alleen bij een debiteur die iets te verliezen heeft. Een bedrijf zonder activiteiten, personeel of vermogen voelt geen druk. Daarover later meer.

De wettelijke voorwaarden

U leest vaak dat er drie voorwaarden zijn: een opeisbare vordering, een steunvordering en de toestand van opgehouden te betalen. Feitelijk vallen de laatste twee samen, want die toestand blijkt nu juist uit de steunvordering. Het komt hierop neer.

1. Een opeisbare vordering

De betaaltermijn van uw factuur moet zijn verstreken. De rechter hoeft uw vordering niet tot op de bodem uit te zoeken: volgens artikel 6 Faillissementswet volstaat het dat uw vorderingsrecht "summierlijk" blijkt. Betwist de debiteur de factuur serieus, bijvoorbeeld omdat hij stelt dat het werk niet deugde, dan is een faillissementsaanvraag niet het juiste instrument. In dat geval moet de vordering eerst vast komen te staan via een dagvaardingsprocedure.

2. De toestand van opgehouden te betalen, en dus een steunvordering

De debiteur moet verkeren in de toestand dat hij heeft opgehouden te betalen. Dat klinkt als een zware bewijslast, maar de rechtspraak van de Hoge Raad heeft er een praktische maatstaf van gemaakt: deze toestand blijkt al wanneer de debiteur naast uw vordering minstens één andere schuldeiser onbetaald laat. Dat heet het pluraliteitsvereiste. U telt daarbij zelf mee als eerste schuldeiser, dus er is maar één extra onbetaalde vordering nodig: de steunvordering.

De steunvordering hoeft niet groot te zijn. Een achterstallige huurtermijn, een onbetaalde leverancier of een belastingschuld volstaat al. Wij zoeken ernaar via het Kadaster, openbare uitspraken, leveranciers en branchegenoten. In de meeste gevallen lukt dat, juist omdat een debiteur die u niet betaalt zelden alleen úw factuur laat liggen.

Summierlijke toetsing: snel en zonder bewijsgevecht

Een faillissementszaak is geen gewone rechtszaak. De rechter toetst deze voorwaarden summierlijk, dus zonder uitgebreide bewijsvoering of getuigenverhoren. Dat maakt de procedure aanzienlijk sneller dan een dagvaardingsprocedure. Het betekent ook dat een serieus betwiste vordering hier niet thuishoort.

Zo verloopt de procedure

Een faillissementsverzoek moet door een advocaat worden ingediend, dat schrijft artikel 5 Faillissementswet voor. U kunt dus niet zelf een verzoekschrift naar de rechtbank sturen. De behandeling gaat daarna snel: de wet bepaalt dat het verzoek "met de meeste spoed" in raadkamer wordt behandeld.

  1. 1 Verzoekschrift: de advocaat stelt het verzoekschrift op en dient het in bij de rechtbank. De rechtbank plant een zitting, doorgaans binnen 4 tot 6 weken.
  2. 2 Oproeping: de deurwaarder bezorgt de oproeping persoonlijk bij de debiteur. Vanaf dat moment tikt de klok: betalen of failliet. Dit is het kantelpunt waarop de meeste debiteuren in beweging komen.
  3. 3 Zitting of intrekking: betaalt de debiteur, dan trekken wij het verzoek in en verhalen wij de gemaakte kosten op hem. Betaalt hij niet, dan spreekt de rechter het faillissement uit en benoemt een curator.

De druk piekt tussen de oproeping en de zittingsdatum, gemiddeld een periode van 2 tot 3 weken. In dat venster wordt het overgrote deel van de betalingen gedaan.

Wat kost een faillissementsaanvraag?

Anders dan bij minnelijke incasso, waar wij op basis van No Cure No Pay werken, brengt een faillissementsaanvraag externe kosten met zich mee die u voorschiet.

Kostenpost Indicatie
Griffierecht rechtbank ca. €695
Advocaatkosten (wettelijk verplicht) Beperkt via onze vaste afspraken
Deurwaarderskosten oproeping Per exploot

Omdat een advocaat verplicht is, lopen de kosten bij een zelf ingeschakelde advocaat al gauw op tot enkele duizenden euro's. Wij hebben vaste afspraken met advocaten, waardoor een aanvraag via ons doorgaans op zo'n €1.500 in totaal uitkomt. Dat klinkt fors, maar voor een rechtbankprocedure met verplichte advocaat is het scherp: alleen het griffierecht is al bijna de helft van dat bedrag. Betaalt de debiteur om het faillissement af te wenden, dan verhalen wij deze kosten bovendien op hem. Komt het wel tot een faillissement en blijkt de boedel leeg, dan bent u deze kosten kwijt. Dat risico hoort bij dit middel en wij benoemen het liever vooraf dan achteraf.

Wanneer is een aanvraag zinvol?

Door de kosten en het karakter van het middel is een faillissementsaanvraag in de praktijk pas interessant bij vorderingen vanaf circa €5.000, op een debiteur die iets te verliezen heeft.

Weinig kansrijk

  • De debiteur betwist de factuur serieus
  • Het bedrijf is leeg: geen activiteiten, personeel of vermogen
  • De vordering is klein, de kosten wegen te zwaar
  • Er is geen steunvordering te vinden

Kansrijk

  • De vordering staat vast en is opeisbaar
  • De debiteur heeft een draaiend bedrijf, personeel of een pand
  • Aanmaningen en incassotrajecten zijn genegeerd
  • Er zijn meer schuldeisers met openstaande vorderingen

Uit de praktijk

Een groothandel had €18.000 openstaan bij een afnemer met meerdere vestigingen. Sommaties en een minnelijk traject werden volledig genegeerd; de debiteur gokte erop dat het wel zou overwaaien. Onze juristen vonden via openbare bronnen een onbetaalde leverancier als steunvordering; samen met de vordering van de groothandel zelf was de vereiste pluraliteit daarmee rond. De advocaat diende het verzoekschrift in en de deurwaarder betekende de oproeping. Binnen tien dagen stond het volledige bedrag op de rekening, inclusief de kosten van de aanvraag. Het faillissement is nooit uitgesproken, en dat was precies de bedoeling.

Let op: na een faillissement bent u één van velen

Wordt het faillissement toch uitgesproken, dan moet u uw vordering indienen bij de curator en sluit u achteraan in de rij. De Belastingdienst heeft een voorrecht op alle goederen van de schuldenaar (artikel 21 Invorderingswet 1990) en ook het UWV gaat voor. Veel faillissementen eindigen met een lege boedel. Zet de aanvraag dus in als drukmiddel, niet als verwachting dat de curator uw factuur betaalt.

Twijfelt u of uw vordering geschikt is?

Wij beoordelen uw dossier kosteloos en zeggen eerlijk of een faillissementsaanvraag kans maakt, of dat een ander traject verstandiger is.

Vordering indienen

Veelgestelde vragen

Na indiening van het verzoekschrift plant de rechtbank doorgaans binnen 4 tot 6 weken een zitting. De meeste debiteuren betalen tussen de oproeping en de zittingsdatum, dus vaak is de zaak binnen anderhalve maand afgerond.

Ja, dat is wettelijk verplicht: het verzoekschrift moet door een advocaat worden ingediend. Wij werken met vaste advocaten, waardoor de kosten lager uitvallen dan wanneer u zelf een advocaat inschakelt.

Dan trekken wij het verzoekschrift in en gaat het faillissement niet door. De gemaakte kosten, zoals griffierecht, advocaat en deurwaarder, verhalen wij op de debiteur. Dit is in de praktijk de meest voorkomende uitkomst.

Dat kan, de wet maakt geen onderscheid. In de praktijk is het zelden zinvol: bij particulieren is er meestal weinig te halen en kan de rechter de zaak laten uitmonden in een schuldsaneringstraject. Bij particuliere debiteuren is loonbeslag na een vonnis vaak effectiever.

Conclusie

Een faillissementsaanvraag vraagt een opeisbare vordering en een debiteur die heeft opgehouden te betalen, en dat laatste staat vast zodra er naast uw vordering één steunvordering is. De kracht zit niet in het faillissement zelf, maar in de dreiging ervan. Een debiteur met een draaiend bedrijf betaalt in de meeste gevallen alsnog zodra de zittingsdatum vaststaat. Houd rekening met zo'n €1.500 aan kosten, die wij bij betaling op de debiteur verhalen, en met het risico dat een lege boedel niets oplevert.

Overweegt u deze stap? Lees meer over de faillissementsaanvraag als incassomiddel of dien uw vordering in. Wij beoordelen kosteloos of uw zaak geschikt is, en zo niet, dan zoeken wij de route die wel werkt.

Gepubliceerd op

faillissement faillissementsaanvraag drukmiddel incasso

Hulp nodig bij uw incassozaak?

Wij werken op basis van No Cure No Pay. Geen resultaat, geen kosten.

Zaak Indienen
Chat via WhatsApp (opent in nieuw venster)
Chat via WhatsApp
1